Inrichtingsplannen op hoofdlijnen gereed

Eind november 2005 gaf Staatsbosbeheer het startschot voor het project 'Cultuurhistorie, mens en natuur' in de Miedengebieden. Tijdens een algemene informatieavond, waarop 170 mensen afkwamen, werden drie werkgroepen gevormd die zich elk met een deelgebied gingen bezighouden. Binnen elke groep werden tijdens een excursie en een drietal bijeenkomsten wensen, ideeën en kennis uitgewisseld om tot een inrichtingsplan op hoofdlijnen te komen. In alle groepen is in een constructieve en open sfeer gesproken en de betrokkenheid van de deelnemers was zeer groot. Dit proces is inmiddels afgerond.

Op deze pagina kunt u lezen wat de resultaten zijn van de brainstormsessies van alledrie de werkgroepen. Ook kunt u hier lezen hoe de vervolgprocedure is en wanneer de uitvoering van start gaat. Binnenkort kunt u hier ook zien wat de resultaten zijn van het onderzoek in de Miedengebieden. Dit onderzoek is momenteel nog gaande.








Uitkomsten werkgroep 1: Zwagermieden

Behoud van huidig agrarisch cultuurlandschap met bijbehorende weidevogels
In de Zwagermieden is gekozen voor het behoud van het huidige agrarische cultuurlandschap en de daarbij behorende weidevogels. In dit weidevogelgebied wordt aaneengesloten opgaande begroeiing zoveel mogelijk vermeden. Eén van de moerasbosjes blijft echter gespaard. In die delen waar opwellend grondwater (bijna) aan de oppervlakte komt, ligt de nadruk op het versterken en ontwikkelen van kwelafhankelijke planten (vochtig schraal grasland); mogelijk wordt hiervoor op kleine schaal geplagd. Een enkel voormalig petgat wordt weer opengehaald zodat verlanding hier opnieuw kan plaatsvinden. De waterpeilen worden vooral in de winter en voorjaar op een hoger peil ingesteld, wat gunstig is voor weidevogels en kwelafhankelijke planten.

Ruimte voor waterspitsmuis, zilveren maan en ringslang door Natte As
Door het gebied is een Natte As gepland, die onderdeel vormt van de verbinding tussen de Groote Wielen en het Lauwersmeer. Deze Natte As zal in de plannen het huidige slotenpatroon volgen: een diffuus netwerk van slootjes en flauwe slootkanten met flauwe slootkanten met grazige bloemrijke plantengroei. Langs die Natte As kunnen zich op termijn soorten als waterspitsmuis, zilveren maan en ringslang verplaatsen en er foerageren. De vorig jaar aangelegde plassen zullen na enige jaren veranderen in moeraszones en liggen aan de uiteinden van de Natte As in de Zwagermieden.

Kleine Zwemmer, Langweer en oude huisplaatsen weer zichtbaar(der)
De bestaande aardkundige en cultuurhistorische verschijnselen (de oude kreek de ‘Kleine zwemmer’, de Langweer, het restant van het oude kavelpatroon en plaatsen van vroegere bewoning) worden bij de inrichting niet aangetast en zo mogelijk wat meer zichtbaar gemaakt. Eén van die oude huisplaatsen wordt iets opgehoogd, zodat deze net zichtbaar is in het landschap. Langs de Kleine Zwemmer komt een laarzenpad dat uiteindelijk doorloopt in de richting van Westergeest. Wandelen over de Langweer kan alleen buiten het broedseizoen. De Miedwei en de Petslootwei zijn met auto’s straks alleen nog toegankelijk voor bestemmingsverkeer, maar fietsers en wandelaars kunnen er gebruik van blijven maken. Een informatiepunt wordt geplaatst langs de Miedwei. Hier is informatie te krijgen over de bijzonderheden van het gebied. Vanuit het informatiepunt kan worden gewandeld of gefietst naar het vogelkijkpunt.








Uitkomsten werkgroep 2: Drogehamstermieden en Surhuizumermieden

Weidevogels profiteren van gevarieerd beheer
In het noordelijke, open deel van de Surhuizumermieden wordt gekozen voor weidevogels. Door maatregelen zoals variatie in het beheer, meer beweiding met rundvee, meer bemesting en (in het voorjaar) hogere slootpeilen worden de omstandigheden voor de weidevogels verbeterd. Verstoring - door bijvoorbeeld recreatie of opgaande beplanting - wordt hier zoveel mogelijk vermeden. Alleen langs de waterlossing aan de noordoostzijde zal wandelen, buiten het broedseizoen, worden toegestaan, maar een pad wordt daarvoor niet aangelegd. Op enkele plaatsen wordt de ontwikkeling van hooilanden nagestreefd, wat goed past binnen het weidevogelbeheer.

Uitgraving pingoruïne en ruimte voor graanteelt en recreatie
In het zuidelijke, meer besloten deel wordt gestreefd naar een afwisseling van bloemrijke en deels schrale graslandvegetaties, elzensingels en moerassige delen. Op de zandkop kan, net als vroeger, graanteelt plaatsvinden. De oude eendenkooi en enkele dichtgegroeide petgaten worden open gehaald, zodat weer water ontstaat. Als de archeologische waarden dit toelaten, wordt zo mogelijk ook één van de pingoruïnes weer uitgegraven. Recreatie wordt geconcentreerd in dit meer besloten en afwisselende deel van het gebied. Er wordt gedacht aan een ruiter/wandelpad tussen Heawei en Koaiwei en, in aansluiting hierop, een wandelroute vanaf de Koaisreed, langs verschillende cultuurhistorische elementen.




Voormalige loop Oude Ried herkenbaar
In de Drogehamstermieden komt op veel plaatsen opwellend grondwater voor: kwel. We kiezen daarom voor de ontwikkeling van natte, kwelwaterafhankelijke graslanden in het deel tegen het kanaal. De voormalige loop van de Oude Ried wordt hierin herkenbaar als een slenk met open water en moeras. In het zuidelijke deel worden bloemrijke en schrale graslandvegetaties ontwikkeld. De elzensingels blijven behouden en worden zo nodig hersteld. De overgang van hoog naar laag wordt zo benadrukt. Een dichtgegroeid petgat wordt weer opengehaald. Het westelijke deel van het gebied bestaat voor een deel uit bos (deels in wording). In het zuiden zijn hierin al waterplassen en recreatie-voorzieningen aanwezig; het noordelijke deel blijft ongestoord. Het laaggelegen, noordelijke deel blijft zoveel mogelijk vrij van verstoring, op een extensief wandelpad na. Staatsbosbeheer staat open voor een ruiter- en/of fietspad langs de zuidrand van het gebied en voor kanoën op de Drogehamstervaart.










Uitkomsten werkgroep 3: Centrale Mieden (IJzermieden, Buitenpostermieden, Twijzeler Mieden en Polder Rohel)

Combinatie van doelen
In het centrale deel van de Mieden is gekozen voor een combinatie van doelen. Rondom Rohel komt een zone met petgaten en bloemrijk grasland, deels ook Dotterbloemhooiland, die aansluit op de natte zone in de Drogehamstermieden. De zandkop van de Tjoele wordt geaccentueerd door de elzensingels. Tussen zandkop en petgatenzone en rondom, ligt het open landschap waar ruimte is voor weidevogels (soms in combinatie met Dotterbloemhooiland), natte schraallanden en bloemrijke graslanden. De moeraszone bij Monniketille fungeert als verbinding tussen de weidevogels in de Twijzelermieden en die in Rohel. Het oostelijk deel van de IJzermieden is zoekgebied voor uitruil met de Surhuizumermieden.




Nieuwe petgaten
In het weidevogelgebied is sprake van gevarieerd beheer, en is bemesting noodzakelijk. Dit deel blijft vrij van opgaande begroeiing. De slootpeilen in het westen van Rohel worden opgezet, zodat meer kwelwater ter beschikking komt voor de planten en ook de weidevogels ervan profiteren. In het vroegere petgatengebied worden nieuwe petgaten gegraven of oude weer hersteld. Op de zandkop van de Tjoele worden sloten minder diep gemaakt om kwel naar de rand te stimuleren.

Stiennen Fuodpaad en Tjoelepad in ere hersteld, Mem Wedmanpad hele jaar open
In het centrale deel van de Mieden worden enkele nieuwe voorzieningen getroffen voor de wandelaar. Het betreft mogelijkheden voor wandelmogelijkheden zonder echte paden, waarbij de wandelaar gewoon door het land kan lopen. Overstapjes hinderen de toegang met honden of fietsen. Zo worden het Stiennen Fuodpaad en het Tjoelepad in ere hersteld. Ook ten noorden van de Twijzelermieden komt zo’n pad: de (doorgetrokken) Papierreed. Via het Tjoelepad zijn de verschillende landschapstypen en enkele cultuurhistorische elementen goed te ervaren. Op de Tjoele komt een eenvoudige informatiehut waar folders over de bijzonderheden klaar liggen. Het voormalige pad naar het veer over het Knillesdjip wordt weer toegankelijk. Het Mem Wedmanpad wordt het gehele jaar opengesteld. Kanoën op de Buitenpostervaart is mogelijk, maar extra voorzieningen worden niet aangelegd. De Miedwei en een deel van de Rohelsterweg worden voor doorgaand verkeer afgesloten, bestemmingsverkeer en fietsers kunnen hier nog wel gebruik van maken. Als er goede afspraken kunnen worden gemaakt, blijft het gebruik van het vroegere zwembad van Buitenpost door de jeugdgroepen mogelijk.

Hoe gaat het nu verder?

De resultaten van de drie groepen worden nog voor de zomer voorgelegd aan een begeleidingsgroep met vertegenwoordigers van gemeenten, dorpsbelangen, waterschap en de provincie Fryslân. Zij geven een advies aan Staatsbosbeheer dat uiteindelijk een definitieve beslissing neemt. Staatsbosbeheer zal de definitieve plannen aan de streekbewoners presenteren tijdens een afsluitende informatiebijeenkomst (waarschijnlijk na de zomer van 2006). De exacte datum hiervoor maken we te zijner tijd bekend. Tot slot legt Staatsbosbeheer de plannen voor aan de drie landinrichtingscommissies die actief zijn in het gebied. Belangrijk is verder dat de plannen zijn opgesteld voorde gebieden als geheel. Maar niet alle gronden zijn eigendom van Staatsbosbeheer. Uitvoeren zal alleen gebeuren waar het Staatsbosbeheergrond betreft, of waar andere eigenaren willen meewerken. Voor sommige onderdelen is ook medewerking van de gemeente of andere instanties nodig. We zullen proberen hen van het nut van onze plannen te overtuigen.

Wanneer worden de plannen uitgevoerd?

De plannen voor de Zwagermieden worden vermoedelijk al in 2007 uitgevoerd. De ruilverkavelingscommissie daar staat in de startblokken om de inrichting van het terrein ter hand te nemen. Zodra de uitvoering begint, zullen we u hierover informeren. Uitvoering van de plannen in de andere gebieden zal helaas nog wel enkele jaren op zich laten wachten. Dat is vooral afhankelijk hoe snel de ruilverkaveling kan worden afgerond. Misschien kunnen onderdelen wél eerder worden uitgewerkt. Ook hier geldt: als de voorbereiding voor de uitvoering begint, zoeken we wederom contact met de omwonenden.